Wat is acute myeloïde leukemie (AML)?
AML is een vorm van kanker die ontstaat in het beenmerg. Alle bloedcellen (rode bloedcellen, witte bloedcellen en bloedplaatjes) worden in het beenmerg gemaakt. Bij AML wordt een zeer groot aantal afwijkende, witte bloedcellen geproduceerd. Dit gaat ten koste van de aanmaak van normale bloedcellen. Er ontstaat dan een tekort aan gezonde witte bloedcellen die nodig zijn voor afweer, aan rode bloedcellen die nodig zijn voor zuurstoftransport en aan bloedplaatjes die nodig zijn voor de bloedstolling.
AML bestaat uit verschillende vormen. Daarom wordt bij de diagnose uitgebreid onderzocht welke kenmerken de leukemiecellen hebben. Op basis van die kenmerken kan de arts het type AML beter bepalen en een behandeling kiezen die zo goed mogelijk bij je situatie past.
Hoe vaak komt AML voor?
Elk jaar krijgen in Nederland achthonderd nieuwe patiënten de diagnose AML. Deze vorm van kanker ontstaat meestal bij volwassenen, soms bij kinderen. De ziekte komt iets vaker voor bij mannen dan bij vrouwen. De gemiddelde leeftijd van de patiënten bij diagnose is ruim boven de zestig jaar. Bijna de helft van hen is bij de diagnose ouder dan 70 jaar.
Wat is de oorzaak van acute myeloïde leukemie (AML)?
Waardoor AML ontstaat, is onbekend. Er zijn wel bepaalde groepen mensen bij wie vaker AML voorkomt:
- Mensen die werken met chemische stoffen hebben een groter risico op het krijgen van acute leukemie.
- Een klein deel van de patiënten die voor een andere vorm van kanker bestraling of chemotherapie heeft gehad, kan na jaren acute leukemie ontwikkelen.
- Sommige patiënten met een myelodysplastisch syndroom (MDS) of een myeloproliferatieve aandoening (MPN) hebben een verhoogd risico op het ontwikkelen van AML.
- Chronische myeloïde leukemie (CML) kan in zeldzame gevallen overgaan in AML.
- Het syndroom van Down en Fanconi-anemie (beenmergfalen) verhogen het risico op acute leukemie
Is AML erfelijk of besmettelijk?
Acute myeloïde leukemie is niet besmettelijk.
De laatste jaren wordt duidelijk dat een deel van de patiënten met AML (5 tot 10 procent) een erfelijke aanleg heeft voor AML. Het merendeel daarvan betreft een mutatie in DDX41. Van de mensen met een DDX41-mutatie ontwikkelt ongeveer de helft MDS of AML, meestal zijn zij tussen de 60-70 jaar oud.

