Inhoudsopgave
Veelgestelde vragen over ALL
Hieronder vind je enkele vragen over ALL.
Heb je een persoonlijke vraag waar Hematon je bij kan helpen, richt je dan tot het Hematon Vragenteam.
Je kunt ons bellen of je vraag stellen via de website.
De helft van de patiënten is jonger dan vijftien jaar. ALL even vaak voor bij mannen als bij vrouwen.
Bij ongeveer vier op de tien van de mensen met ALL komt de ziekte terug. Als je een positieve minimale restziekte (MRD) hebt, geldt dit cijfer als je behandeld wordt met rituximab en eventueel blinatumomab . De remissiekansen variëren bij eventuele chromosoomafwijkingen en de mate van restziekte na behandeling (MRD).
ALL is een zeldzame aandoening. Per jaar krijgen in Nederland ongeveer 220 patiënten de diagnose ALL.
In het algemeen hebben kinderen de beste prognose na behandeling: meer dan 90 procent geneest van ALL. Voor 18- tot 25-jarigen is de overlevingskans zo’n 75 procent, en bij 25- tot 40-jarigen ligt dat rond de 65 procent. Boven de 40 jaar, en zeker boven de 60 jaar, overleven vier op de tien mensen ALL. Patiënten ouder dan 40 jaar kunnen niet zo intensief behandeld worden. De bijwerkingen van de middelen zijn zo intens dat de kans op overlijden dan groter is.
Waardoor ALL wordt veroorzaakt, is onbekend. Mensen die chemotherapie of bestraling hebben gehad voor een eerdere behandeling van kanker, zijn gevoeliger voor deze vorm van kanker. Ook mensen die met specifieke chemische stoffen zoals benzeen werken lijken een groter risico te hebben om kanker te krijgen.
Deze overlevingscijfers zijn gemiddelden en zeggen niet zoveel over jou als individuele patiënt. Jouw vooruitzichten kunnen beter zijn dan dit gemiddelde, maar helaas ook slechter. Bedenk ook dat overlevingscijfers per definitie altijd cijfers zijn uit het verleden. Verbeteringen die vandaag worden ingevoerd leiden pas over jaren tot andere overlevingscijfers.